|| ||

Ongezouten over zout

Roestvrij Taal 04 februari 2015

Ongezouten over zout

Soms komt er ineens een taalvraag in u op. Bij het zouten van uw eitje bijvoorbeeld. Want u gebruikt geen keukenzout. Op het etiket van uw favoriete zilt prijkt: ‘Middellandse Zeezout’. En daar trekt u als fan van onze Wetenswoordigheidjes toch even uw wenkbrauwen bij op. Want vertelden we u laatst niet dat we samenstellingen altijd zo veel mogelijk aaneenschrijven? Als het is: kinderchampagnefleskoeler, moet het dan niet ook zijn: Middellandsezeezout?

Nee. Middellandse Zee is namelijk een eigennaam bestaande uit twee delen. Stel je daarmee een woord samen, dan zijn het Witte en Groene Boekje zeldzaam eensgezind: we schrijven het eerste deel los. Het tweede deel plakken we vast aan het laatste woord. Anders gezegd: de spatie tussen de twee delen van de eigennaam blijft behouden. Zo zijn ‘Tweede Kamerlid’ en ‘Tweede Kamer-lid’ allebei correct.

Er mag er een streepje tussen het tweede deel en het laatste woord. Dat zorgt voor duidelijkheid bij bijvoorbeeld: Middellandse Zee-land (Zeeland ligt toch echt aan de Noordzee), Dode Zee-rollen (geen dode rollen uit zee) en Bronzen Kruis-drager (geen Kruisdrager van brons).

Goed geregeld, toch? Of zit het u nog niet helemaal lekker met dat zout? Dat komt dan waarschijnlijk door het volgende. Op het etiket wordt u niet alleen duidelijk gemaakt dat u uw eten op smaak breng met zeezout (zout uit de zee) u  krijgt ook de informatie dat het geen zout is uit de Noordzee, maar uit de Middellandse Zee. Dus het woord ‘zee’ heeft hier betrekking op twee woorden in de samenstelling. Dan zou het toch Middellandse Zeezeezout moeten zijn? Of - dat koppelstreepje is nu wel verhelderend - Middellandse Zee-zeezout?

Misschien hadden ze het anders moeten aanpakken in de Middellandse Zeezoutmolentjesfabriek. Als ze Mediterraan zeezout erop hadden gezet, had u het zo zout nog niet gegeten. Of moet het dan weer Mediterraans zijn? 

comments powered by Disqus
« terug naar het overzicht