|| ||

Kerstkind met een kleine ‘K’

Roestvrij Taal 24 december 2014

Kerstkind met een kleine ‘K’

Vrouwen die hoogzwanger zijn rond de feestdagen hopen nog wel eens op een kerstkind. In gesproken taal snapt iedereen wat je bedoelt. Niets aan de hand. Schrijf je het op, of tik je het in, dan kun je nog wel eens een kapitale fout maken. Hoe zou jij het schrijven: kerstkind of Kerstkind?

Zelfs de liefhebbers van ons Wetenswoordigheidje is misschien ontgaan dat bijna alle woorden die zijn afgeleid van Kerstmis, met een kleine ‘k‘ worden geschreven. Alleen de officiële namen van feestdagen en andere bijzondere dagen schrijf je volgens de officiële spelling met een hoofdletter, zoals: Kerstmis en Valentijnsdag. Informele benamingen én samenstellingen met de officiële benaming schrijf je met een kleine letter. Bijvoorbeeld: kerst, valentijn, kerstkaart en valentijnskaart.

Weet je dit niet, dan zou je zomaar eens naar een vriend of vriendin kunnen ‘appen’ dat je een Kerstkind verwacht. En dat kan leiden tot de nodige verwarring. Want er is maar één Kerstkind met een grote ‘K’ en dat is Jezus Christus. En die zag het levenslicht al (bijna) 2015 jaar geleden, naar het schijnt. Correct is: ‘kerstkind’ of ‘kerstekind’.

Maar, aanstaande moeders: dit zijn ‘slechts’ de taalregels. Waarschijnlijk is jouw wolk van een baby voor jou altijd met een hoofdletter geschreven.

« terug naar het overzicht